De verschillende mythes rond de menopauze 

De menopauze is een belangrijke periode in het leven van een vrouw. Tussen de 50 en 60 jaar belanden de meeste vrouwen in de menopauze. Maar welke symptomen horen hierbij? En hoe kan je de onaangename gevolgen verzachten? Wij geven je al de informatie. 

Vanaf welke leeftijd kan je hier last van hebben?

Symptomen van de menopauze beginnen meestal tussen 51 en 52 jaar, maar dat kan van persoon tot persoon variëren. Sommige vrouwen zijn al op hun 40 in de menopauze, bij anderen duurt het dan weer iets langer en is het pas als ze achteraan de 50 zijn. Vanaf dat moment blijven de maandstonden definitief uit en stoppen de eileiders met het produceren van geslachtshormonen die normaal de vrouwelijke voortplantingscyclus stimuleren. Je bent officieel in de menopauze als je een jaar geen maandstonden hebt gehad.

Wat zijn de (mogelijke) symptomen?

  • prikkelbaarheid
  • daling van het libido
  • vage, verspreide pijn over heel het lichaam
  • vaginale droogte
  • slaapproblemen
  • vermoeidheid
  • neerslachtigheid
  • seksuele problemen
  • opvliegers en extra zweten 's nachts
  • ...

Let op: welke symptomen je precies krijgt, kan je niet voorspellen. Wie weet heb je geen last van je menopauze of is de intensiteit bij jou lager. Elk vrouwenlichaam is anders en de symptomen kunnen dus verschillend zijn en minder of juist meer intensief.

Hoe kan je de symptomen verzachten?

Hoe ga je om met prikkelbaarheid en de onaangename gevolgen van de menopauze? Deze tips helpen je zeker:

  • Een goede leefhygiëne is essentieel
  • Gezonde voeding die op regelmatige tijdstippen wordt gegeten is ook belangrijk. Minder vet en meer fruit en groenten eten, niet roken, minder alcohol drinken ...
  • Probeer genoeg te bewegen
  • Zoek een leuke hobby om je bezig te houden, herontdek misschien een passie van vroeger waar je elke dag een paar uur zoet mee bent
  • Zonder jezelf niet af als je je niet zo goed voelt. Een beetje me-time is zeker oké, maar sociaal contact is even belangrijk.
  • Bij eventuele seksuele problemen kan glijmiddel helpen. Zo duurt het voorspel en het vrijen zelf langer.

Welke mythes zijn er rond de menopauze?

Dat je lichaam verandert tijdens de menopauze is geen geheim, maar dat vrouwen fel verdikken in de menopauze is een fabeltje. Meestal is de gewichtstoename al bezig voor de menopauze begint en die is heel geleidelijk. Maar het is pas tijdens de drastische hormonale veranderingen dat vrouwen het ten volle gaan beseffen. Door de onaangename symptomen die hand in hand gaan met de menopauze, is het helemaal normaal dat vrouwen compensatie zoeken in voedsel. Wat wél gebeurt tijdens deze hormonale veranderingen is je figuur dat verandert. Terwijl de cellen zich vroeger eerder ophoopten in de benen, de dijen en de billen, hopen ze zich nu vooral op in de buikzone. Dus vrouwen verdikken in de buikzone maar verliezen gewicht rond de dijen.

Krijgen vrouwen een snor tijdens de menopauze? Ja, de groei van je hoofdhaar vermindert maar neemt toe in de typische mannelijke zones, namelijk de bovenlip en de wangen.

In de menopauze neemt je libido niet toe, integendeel het vermindert geleidelijk.Het is een van de lichamelijke gevolgen en de verklaring ligt bij diverse lichamelijke en psychologische facturen. Maar je hoeft je geen zorgen te maken, want de meeste vrouwen in de menopauze blijven seksueel actief.

Wat wel waar is, is dat de kans op hart- en vaatziekten toeneemt tijdens de menopauze. Normaal gezien beschermen de vrouwelijke hormonen je tegen cardiovasculaire aandoeningen. Maar aangezien je lichaam in deze periode geen hormonen meer aanmaakt, loop je meer risico op hart- en vaatziekten.

Ten slotte, stijgt je cholesterolgehalte tijdens de menopauze. De grote hormonale schommelingen van deze transitie zorgen uiteindelijk voor een stijging van het cholesterolgehalte. Het is dus slim om je cholesterol te laten controleren bij een arts, zeker in deze periode van je leven.

Zit je nog met vragen? Raadpleeg dan je arts om de menopauze te bespreken en je eventuele vragen te beantwoorden.

  • 6 tips om sterke vaginale geurtjes te verminderen

    Op zich is het volkomen normaal. Maar laat ons eerlijk wezen: een wat zuurder ruikende vaginale afscheiding kan ook wel gênant zijn. Daarbij wordt het vaak vergeleken met de geur van rottende vis. Wij geven je 6 makkelijke tips om hier zelf iets aan te doen.

    Laten we je allereerst geruststellen: in de meeste gevallen zijn nare vaginale geurtjes dan wel vervelend, maar verder ongevaarlijk. Bovendien ruikt elke vagina een heel klein beetje. Dat komt door de licht zurige pH-graad van de vaginale flora. Dit is een heel erg uitgebalanceerde omgeving waar een bepaalde hoeveelheid goede, natuurlijke bacteriën en schimmels zitten. Met name de lactobacillen zijn in de meerderheid en beschermen zo je slijmvliezen.

    Belangrijk is om deze licht zurige vaginale flora in stand te houden, of terug op orde te brengen. En vooral niet te sterk te verstoren. Geraakt de pH-waarde uit balans, dan zullen de bacteriën namelijk beginnen groeien en de overhand nemen. Het gevolg is dan de verhoogde vaginale afscheiding, met de gekende visachtige geur en grijze kleur. Dit alles is ook beter bekend als bacteriële vaginose. Dat kan ook gepaard gaan met de nodige jeuk, samen met pijn tijdens het vrijen en plassen.

    Goed om weten is dat je zelf heel wat kan doen, om het niet zover te laten komen. Dit zijn onze zes belangrijke en makkelijke tips:

    1. Was jezelf intiem, op de juiste manier

    Heel wat vrouwen (en mannen) linken vaginale geurtjes aan een slechte intieme hygiëne. Terwijl dit echt niet altijd zo hoeft te zijn. Sterker nog: het is goed mogelijk dat je net te grondig te werk gaat. Belangrijk om altijd in het achterhoofd te houden, is dat je vagina zichzelf perfect proper kan houden. Vaginale douches met de douchekraan moet je dus zeker vermijden, aangezien ze net de normale flora en pH-waarde zullen verstoren en bacteriën vrij spel geven. Om diezelfde reden gebruik je ook beter geen vaginale deo.

    Het enige wat je eigenlijk moet doen, is de buitenkant van de vaginale streek even schoonspoelen onder de douche of in het bad, met wat lauw water. Daarbij kan je eventueel ook zeep gebruiken, maar dan wel enkel de niet-geparfumeerde, milde versie ervan.

    Wat we je ook kunnen aanraden, is om je even te wassen na de seks. De vaginale geurtjes kunnen namelijk door het sperma eventjes sterker zijn, omdat sperma een hogere pH-waarde heeft. Laat daarom zoveel mogelijk sperma uit je vagina, tenzij je zwanger probeert te worden.

    2. Vervang tampons en maandverbanden regelmatig

    De absolute gouden regel daarbij is elke zes uur. Het bloed kan namelijk de zuurtegraad in je vagina negatief beïnvloeden. Zeker als het gestold is en door het te laat verwijderen van een tampon de vaginawand beschadigt, met mogelijke infecties tot gevolg. Ook daarom is een maandverband altijd de betere oplossing dan een tampon.

    3. Draag bij voorkeur katoenen slipjes

    Belangrijk is dat je intieme zone goed moet kunnen ademen. Anders zorg je voor een vochtige omgeving, waar bacteriën en schimmels makkelijk kunnen groeien. Zeker als je van nature al veel zweet. Bij katoenen ondergoed kan dit zweet en ander vocht zich niet ophopen.

    Nog een andere tip: vervang je ondergoed zeker elke dag. En zeker ook als het nat en zweterig is geworden, bijvoorbeeld na het sporten.

    4. Denk aan de juiste toilethygiëne

    Naar het toilet gaan kan je vaginale zone in contact brengen met een pak slechte bacteriën. Niet alleen op vuile wc’s op openbare plaatsen, maar ook gewoon bij je thuis. Kuis daarom zeker regelmatig de boven- én onderkant van de wc-bril en verwijder zo de bacteriën, die via je huis in de vagina kunnen terechtkomen.

    Bovendien is het belangrijk om na elke grote boodschap telkens van voren naar achteren te vegen. Zo voorkom je dat bacteriën van je anus in je vagina terechtkomen.

    5. Eet de juiste zaken

    Yoghurt is daarbij de absolute aanrader voor elke vrouw. De probiotica en lactobacillus die daarin zit helpt de hoeveelheid bacteriën in je vagina constant te houden. Heb je last van geurtjes, dan kan je verhogen naar drie porties natuurlijke yoghurt per dag.

    Bepaalde zaken zoals koffie, melk en alcohol en rood vlees vermijden kan ook helpen om vaginale visgeurtjes te verminderen. Maar eigenlijk moet je al enorm veel van deze producten eten om de zaken negatief te beïnvloeden.

    6. En vul eventueel aan met supplementen

    Vitamine C helpt je hele lichaam bij het vechten tegen infecties. Ook in je vagina, dus. Zeker wanneer je bacteriële vaginose hebt, is het zeker iets dat kan helpen. Ga voor natuurlijke voedingssupplementen of eet wat extra citrusvruchten, aardbeien en kiwi’s.

    Zetpillen met boorzuur zijn een andere goede oplossing, zeker tijdens de menstruatie. Ze halen namelijk door hun hele hoge zuurtegraad de pH-waarde van je vaginale zone naar beneden. En helpen zo de wildgroei aan slechte bacteriën stoppen.

    En wat als dit alles niet helpt?

    Geef je vagina enkele weken om terug op haar plooi te komen en de zuurtegraad te herstellen. Merk je na deze periode geen beterschap? Dan kan je beter langs je huisarts gaan. Die schrijft je dan mogelijk een antibioticakuur voor. Dit bestaan vaak uit pillen of een crème voor op de schaamlippen. Let wel op als je zwanger bent: deze behandeling kan mogelijk schadelijk zijn voor je ongeboren kind.

    Schrijf je nu in op onze wekelijkse nieuwsbrief en ontvang een geschenkbon ter waarde van €5 bij aankoop van €50!

  • Wat zijn aambeien en wat kan je er tegen doen?

    Een gênant kwaaltje, maar iederéén kan er last van krijgen: aambeien of speen. Gelukkig zijn ze, ondanks alle ongemakken, onschuldig en kan je zelf heel wat doen om ze te voorkomen of te behandelen. 

    WAT ZIJN AAMBEIEN?

    Aambeien, ook wel hemorroïden of speen genoemd, zijn eigenlijk verwijdingen en uitzakkingen van bloedvaten die in en rond de anus zitten. Daar zit een heel netwerk van kleine en sterk doorbloede bloedvaatjes met een dun laagje slijmvlies. Ze vormen een soort van kussentjes. Als daar te veel druk op komt te staan, zwellen en rekken de bloedvaatjes uit, zakken ze uit en puilen zelfs naar buiten.

    HOE ONTSTAAN AAMBEIEN?

    Als de druk in de bloedvaten in en rond de anus te groot wordt, het steunweefsel uitrekt en de slijmvlieslaag dunner wordt, kunnen aambeien ontstaan. Het bloed in de aders kan niet meteen wegstromen en dus zwellen de aders of stulpen ze uit. De precieze oorzaak is niet bekend, maar vaak gaat het om een combinatie van verschillende factoren als bijvoorbeeld constipatie, zwangerschap, bevalling, overgewicht, zittend werk, ouderdom en een natuurlijke aanleg.

    WAT IS HET VERSCHIL TUSSEN INWENDIGE EN UITWENDIGE AAMBEIEN?

    Uitwendige aambeien zitten onder de huid rond de aars. Het zijn dikke knobbels die zichtbaar zijn. Vaak is de huid rood. Je kan ze met je vinger voelen.

    Inwendige aambeien zitten in de endeldarm, dat het laatste stukje van de dikke darm. Deze aambeien veroorzaken zelden ongemak. Maar door persen kunnen ze wel naar buiten gedrukt worden: die uitstulping wordt ook een prolaps genoemd.

    HOE WEET JE OF JE AAMBEIEN HEBT?

    Vaak bezorgen ze geen klachten, maar bij sommige mensen kunnen aambeien pijnlijk zijn en bloeden. Ze zijn echter ongevaarlijk. Mogelijke symptomen die kunnen wijzen op aambeien:

    • Bloedverlies bij de ontlasting: kleine hoeveelheden helderrood bloed op het toiletpapier of in het toilet.
    • Jeuk of een branderig gevoel rond de anus.
    • Aandrang: het gevoel hebben dat je naar het toilet moet. Soms scherpe pijn omdat de bloedtoevoer afgekneld wordt en er bloedstolsel ontstaat in de aambei.
    • Soms incontinentie: kleine hoeveelheden stoelgang of darmslijm lekken, waardoor ‘remsporen’ ontstaan in de onderbroek.

    ZO KAN JE AAMBEIEN VOORKOMEN

    Het komt erop neer om het aambeienweefsel zo weinig mogelijk onder druk te laten staan, zo verkleint de kans op aambeien en krijg je ze minder gemakkelijk terug na een behandeling. Enkele tips:

    • Stel je toiletbezoek niet uit. Hoe langer je wacht, hoe harder de stoelgang wordt en hoe harder je moet persen.
    • Vermijd constipatie en diarree, die veroorzaken bloedverlies.
    • Eet veel vezels (groente, vruchten, zemelen, bruin brood, volle rijst) om de ontlasting zacht en soepel te houden.
    • Drink veel water, dit gaat constipatie tegen.
    • Neem voldoende lichaamsbeweging, zo worden de darmen gestimuleerd en de stoelgang bevorderd.

    HOE BEHANDEL JE AAMBEIEN?

    Verdwijnen de aambeien niet vanzelf met de tips en heb je last van pijn, bloedingen of uitstulpingen, dan zijn er enkele mogelijke behandelingen.

    • Warme baden: die geven verlichting van jeuk en pijn en houden de anale streek proper. Gebruik geen zeep, dat kan de irritatie verergeren. De anale streek goed droog deppen na elk bad is belangrijk.
    • Ijsblokjes: kunnen helpen tegen de pijn
    • Geneesmiddelen: een arts kan een geneesmiddel voorschrijven voor plaatselijk gebruik, vaak gaat het om een zetpil of een zalf. Er bestaan heel wat soorten aambeienzalf die pijn en jeuk tijdelijk kunnen verlichten. Ook onstekingsremmers kunnen de pijn verlichten. Neem deze enkel in samenspraak met je arts of apotheker.

  • Diabetes: alles wat je er moet over weten

    Suikerziekte of diabetes: het komt alsmaar meer voor in Vlaanderen. Niet in het minst door onze ongezondere manier van leven. Maar wat is het eigenlijk? En hoe ga je ermee om?

    Bij diabetes heb je een te hoog suikergehalte in je bloed. Te weinig of slecht functionerende insuline is daarbij de boosdoener. Hierdoor kunnen de cellen in je lichaam te weinig glucose of suiker opnemen, waardoor deze in je bloed blijft zitten.

    2 veelvoorkomende types

    De meest voorkomende vorm van diabetes is deze van het type 2. Liefst 90% van de patiënten heeft deze zogenaamde welvaartsvorm van de ziekte. Dit noemt men zo, omdat de hoofdoorzaak overgewicht en weinig lichaamsbeweging is. Hier maakt het lichaam nog wel insuline aan, maar te weinig of van slechte kwaliteit. Vooral mannen boven de 40 jaar krijgen ermee te maken.

    Maar niet iedereen met diabetes heeft dit door een ongezonde levensstijl. Er is namelijk ook type 1, dat meestal al de bovenhand krijgt op jonge leeftijd. De kwaliteit van de insuline is hier wel ok, maar het lichaam maakt ze simpelweg niet meer (of te weinig) aan.

    En daarnaast is er ook nog de zogenaamde zwangerschapsdiabetes, vooral vanaf de 24ste week van de zwangerschap. Iets wat zeker extra aandacht vraagt, omdat het problemen bij de bevalling kan opleveren, tot zelfs onvolgroeide organen van de baby. En het verhoogt ook het risico om nadien zelf blijvend suikerziek te zijn.

    Hoe herken je het eigenlijk?

    Moeilijk. Vooral bij het type 2 zijn de symptomen niet zo uitgesproken, waardoor je er jaren mee kan rondlopen voor je het merkt. De welvaartsdiabetes kan je mits wat aandacht herkennen aan het volgende:

    - Je moet vaak plassen, ook ’s nachts. En vooral: je hebt vaak dorst.

    - Je valt af zonder echte reden.

    - Wondjes genezen veel trager dan normaal, of slecht. Zeker aan je voeten.

    - Je hebt de hele dag door een hongerig gevoel.

    - Je ziet wazig of dubbel.

    - Je ademt moeilijk.

    - Je hebt pijn in je benen wanneer je loopt.

    Je huisarts kan uitsluitsel geven, door een bloedonderzoek. Dit gebeurt nuchter, en de dokter zal op twee verschillende momenten bloed afnemen. In de meeste gevallen zal hierbij de bloedsuikerwaarde in het labo worden bepaald, al wordt tegenwoordig ook gekeken naar de versuikerde hemoglobine of HbA1c.

    De gevolgen: prikken of slikken

    De keuze hangt hierbij af van de insuline in je lichaam, en dus het type diabetes.

    Mensen met type 2 zijn vaak al geholpen door pillen. Dit omdat hun lichaam nog wel insuline aanmaakt. De suikerwaarde kan dan op deze manier onder controle worden gehouden.

    Bij type 1 is het een ander verhaal. Hier is er geen natuurlijke insuline in het lichaam, die normaal wordt aangemaakt door de alvleesklier. Deze moet in de plaats daarvan steeds worden ingespoten. Insuline in de vorm van pilletjes zou de zure maagsappen immers niet overleven.

    Met aangepaste voeding en beweging

    Medicatie of insuline spuiten is immers niet voldoende. Dat kan alleen samen met een gezonde en gevarieerde voeding.

    Een streng dieet is echter niet nodig. Het gaat eerder om aanpassingen van gewoontes. Zo moet je extra letten op hoeveel koolhydraten je binnenkrijgt. En dat je deze goed spreidt doorheen de dag. Daarnaast eet je best ook voldoende groenten, fruit en peulvruchten. Deze zorgen voor tragere opname van glucose, en zo voor het minder snel uit de pan swingen van je bloedsuikerspiegel.

    Daarnaast is het ook belangrijk op voldoende te bewegen, om je gewicht stabiel te houden. Dit hoeft geen topsport te zijn, maar mag gerust wat wandelen, fietsen of zelfs tuinieren zijn. Zolang je maar actief bezig bent!

    Belangrijk: onderschat diabetes niet

    De gevolgen van onbehandelde suikerziekte is immers niet min. De hoge bloedsuikers tasten zo na enige tijd de bloedvaten en zenuwen aan. Dit zijn er maar enkele gevolgen van:

    - Je voeten, die krijgen te weinig bloed. Waardoor je minder gevoel hebt. Wondjes genezen slechter en kunnen beginnen ontsteken of zweren.

    - Je ogen gaan achteruit. Je ziet steeds minder scherp, of dubbel. Pijnlijke en ontstoken ogen komen daarbij ook voor.

    - Je maag stuurt steeds trager het eten door naar je darmen. Het gevolg: misselijkheid, diarree of net verstopping.

    - Je nieren, die bevatten steeds meer littekens. Daardoor worden meer en meer afvalstoffen niet als urine afgevoerd, maar blijven ze rondzwerven in je bloed.

  • Hoe voorkom ik oogziektes bij het dragen van lenzen?

    Contactlenzen zijn zo handig om te dragen, je hoeft geen brilglazen schoon te maken, je kan ze altijd dragen ... Maar als je er op de foute manier mee omgaat, kunnen ze je ogen behoorlijk ziek maken. Die oogziektes die ze dan teweeg brengen kunnen voorkomen worden en wel met deze tips:

    Jaarlijkse controle

    Je laat best ieder jaar minimaal één keer je ogen controleren, zeker als je lenzen draagt. Als je eerder al problemen hebt gehad met je lenzen of je draagt ze heel lang, dan is het aangeraden om meermaals je ogen te laten checken door een oogarts of een opticien. Veel oogklachten - en problemen die ontstaan door het dragen van lenzen worden maar laat opgemerkt, omdat ze niet meteen zichtbaar zijn. Een oogarts of opticien kan een vroege diagnose stellen en zo kunnen ernstige problemen vermeden worden

    Goede hygiëne

    Ga altijd netjes te werk als je met je lenzen omgaat. Als je lenzen in doet of verwijdert, was dan grondig je handen met water en zeep. De kans op een ooginfectie vermindert daardoor al drastisch.

    Draag je lenzen niet te lang

    Lenzen dragen is een goed en fijn hulpmiddel om je gezichtsvermogen te verbeteren. Maar hou rekening met feit dat je lenzen niet langer dan 24 u mag dragen. Ga dus ook niet slapen met je contactlenzen in. Neem ze zorgvuldig uit je ogen voor je je bed induikt. Tijdens je slaap kan de lens namelijk uitdrogen en zelfs voor blijvende schade aan je oog zorgen.

    Lenzen bewaren

    Wanneer je je lenzen niet draagt, bijvoorbeeld als je gaat slapen, moet je ze bewaren in een speciale vloeistof. Doe dit dus niet met gewoon kraantjeswater.

    Regelmatig lenzen vervangen

    Er zijn verschillende soorten lenzen en de soort die je draagt zegt vaak iets over de levensduur van de lens. Als je bijvoorbeeld maandlenzen draagt, mag je ze ook niet langer dan een maand dragen. Doe je dat wel? Dan gaat de kwaliteit van de lens achteruit en zal er gemakkelijk vuil opstapelen op het lensoppervlak. Dat vuil kan dan weer leiden tot ooginfecties. Tijdig vervangen is dus de boodschap!

    Juiste reiniging

    Lenzen op de juiste manier schoonmaken is essentieel als je oogziektes wil voorkomen. Als je je lenzen kocht, heeft de opticien normaal gezien uitgelegd welke middelen je moet gebruiken om ze te reinigen. Dan weet je ook hoeveel keer je dit moet doen om je lenzen in optimale staat te houden.

    Extra tips

    • Laat nooit iemand anders je contactlenzen dragen.
    • Draag geen lenzen als je medicatie voor je ogen gebruikt, zoals bijvoorbeeld oogdruppels.
    • Maak je lenzen nooit vochtig met speeksel of kraantjeswater.
    • Vervang op regelmatige basis je lenzendoosje.
    • Vervang je lenzen meteen als ze beschadigd zijn.